NL
.
De Gouden Eeuw was voor ons een Apocalyps
Bron: www.nrc.nl
De Gouden Eeuw was voor ons een Apocalyps
Een zwarte vrouw, gekleed in een jurk van witgeschilderd kant, het bovenlijf met parelsnoeren gedrapeerd, kijkt met dubbelzinnige blik achterom. Wil ze mij, jou, de kijker verleiden om achter haar aan te lopen? Of waarschuwt ze ons juist, dat we hier niet welkom zijn? Op de ene foto staat ze in de branding, op weer een andere springt ze rechtstandig omhoog en lijkt ze in de lucht te zweven. Alsof de zwaartekracht op deze verschijning geen vat heeft.

Wie is zij? Zij is Mama Winti, inwoner van Ghost Island. Dat is geen eiland maar onderdeel van een reusachtig driehoekig rijk, door de zwarte Britse historicus Paul Gilroy The Black Atlantic genoemd, dat zich uitstrekt van de westkust van Afrika via de Antillen tot Europa en de oostkust van Amerika. Ghost Island: zo heeft de jonge kunstenaar-onderzoeker Lisandro Suriel (30) zijn langjarige onderzoeks- en fotografieproject genoemd. Zijn werk als fotograaf, filmer en researcher gaat over de mensen die hier wonen of woonden, die hier vandaan komen of kwamen.
Bekijk de beelden van de twintig fotografietalenten uit de 15e editie van het Foam Magazine Talent Issue

"Al deze mensen hebben wortels en verhalen van lang vóórdat Columbus de 'nieuwe wereld' ontdekte, of voordat de slavenhandel op gang kwam", zegt Suriel in een videogesprek vanuit het huis van zijn moeder op Sint Maarten. "Het is niet zo dat onze geschiedenis, onze identiteit pas met de komst van de Europeanen is begonnen. Dat vergeten verleden, de verhalen die de mensen rond de Black Atlantic delen, breng ik met onderzoek en met mijn beelden weer tot leven."

Met die beelden maakt hij furore. In 2018 kreeg hij de Werkbijdrage Jong Talent van het Mondriaanfonds. Het jaar daarop kreeg hij een fellowship aan het Centre for Contemporary Arts in Glasgow. Vorig jaar deed hij van zich spreken op fotofestival Noorderlicht en nu is werk van hem uitgekozen voor de cover van het net verschenen Talent-nummer van Foam Magazine. Suriel heeft een sterke eigen visuele taal, doordrenkt van magie en rituelen, die door de enscenering - het landschap, de kleding, de maskers, de make-up - wordt versterkt. "Magie en werkelijkheid hebben hier altijd naast elkaar bestaan."

Beeld uit de serie Ghost Island van Lisandro Suriel.

Foto Lisandro Suriel
Landsgrens op een eiland

Lisandro Suriel (30) groeide op in het Nederlandse deel van Sint Maarten, "de kleinste plek op aarde die twee naties en een grens accommodeert". Desgevraagd zegt hij niet dat hij uit Nederland komt, maar uit SX, de code die het eiland zelf gebruikt. Op zijn foto's vind je geen herkenbare plekken terug. "Identiteit gaat voorbij de natiestaat. Het zou erg koloniaal zijn om je identiteit door grenzen te laten bepalen."

In 2009 kwam hij naar Nederland om te studeren. Diergeneeskunde, dacht hij eerst, maar hij stapte snel over naar de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag, gevolgd door een master in Artistic Research aan de UvA. "De kunstacademie gaf me de tools om een eigen artistieke taal te vinden, de universiteit gaf me de academische onderbouwing. En daarna was het aan mij om de twee te combineren."

Op school leerde hij van alles over de Tea Party in Boston en de Franse Revolutie, "maar niets over het verleden van de plek waar ik opgroeide". Op de Haagse academie werd evenmin gesproken over de (de)koloniale geschiedenis. "Toch is er een dubbel bewustzijn dat alle mensen van kleur hebben die in het Westen wonen. Je ziet er anders uit, je past niet honderd procent, de Gouden Eeuw was voor ons geen gouden eeuw maar een Apocalyps. Maar niemand had het daarover."
Lees ook dit interview met Theaster Gates: Monument voor de verdreven inwoners van Malaga Island

Een belangrijke kentering in zijn denken kwam met de ontdekking van het boek Mythen en Sagen uit West-Indië (1926) door Herman van Cappelle, met illustraties door de dertienjarige Willem Backer. Hij heeft het nog, en laat het voor de camera zien. "Van Cappelle was geoloog en ging naar Suriname om te kijken hoe de rijkdommen van het land voor Nederland nuttig konden worden gemaakt. Maar in dit boek gaat hij als antropoloog te werk. Hij ging het oerwoud in, sprak met nakomelingen van de Marrons en noteerde de verhalen die hij rond het kampvuur hoorde.

"Zijn belangstelling was oprecht - en toch is het problematisch dat hij hun verhalen verzamelde en als een souvenir meenam naar het koloniale rijk. Het zijn niet de mensen zelf die hun verhalen opschrijven of tekenen." Maar het boek en het verhaal erachter zetten hem als kunstenaar en academicus wel aan het denken: hoe kon hij ervoor zorgen dat de bewoners rondom de Black Atlantic nu wel hun eigen verhalen kunnen vinden en vertellen?
Fata morgana

Vergis je niet, Ghost Island is een veel groter begrip dan het geografisch afgebakende eiland waar de bedenker vandaan komt. Suriel: "Het is een plek die ik heb gecreëerd, die in mijn verbeelding als een fata morgana over de Black Atlantic drijft. Op dat eiland vind je herinneringen en verhalen van je voorouders die in de vergetelheid zijn geraakt, verhalen die de mensen uit deze enorme diaspora aan elkaar binden. Mijn werk is een uitnodiging om je daarmee in te laten."
Terug