NL
.
Dodenherdenking: wat is een herdenking waard?
Dodenherdenking: wat is een herdenking waard?
Op 4 mei 2017 was ik uitgenodigd om een korte bijdrage te leveren aan een Dodenherdenking die door Vereniging Ons Suriname (VOS) en ex-KNSM-ers "De Kroonvaarders" jaarlijks wordt georganiseerd. Veel mensen kennen vooral als KNSM van KNSM eiland in Amsterdam Oost maar KNSM dat staat dus voor Koninklijke Nederlandse Stoomboot Maatschappij. Dit was een rederij die sinds 1853 vracht en passagiers vervoerde o.a. tussen Suriname, Nederland en de VS. Het is het enige of een van de weinige monumenten voor de Tweede Wereldoorlog waar ook de namen van Surinaamse en (voormalig) Antilliaanse mensen op staan gegraveerd.  In de jaren '80 heeft een groep leden van VOS de NIOD (het instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies) benaderd met de vraag of Surinaamse en Antilliaanse verzetsstrijders en slachtoffers ook herdacht mochten worden. Delano, voorzitter van VOS, vertelde dat het verzoek werd weggelachen en dat ze terug konden komen als ze geld hadden. Daarom hebben ze toen het initiatief genomen om zelf een herdenking te organiseren i.s.m. de KNSM omdat er veel zeelieden en matrozen lid waren van de organisatie die wisten dat er aardig wat Surinaamse en Caribische zeelieden waren omgekomen tijdens de Tweede Wereldoorlog op schepen die door nazi's werden getorpedeerd. De schepen vervoerden namelijk grondstoffen zoals bauxiet vanuit Suriname naar de VS waar o.a. aluminium voor vliegtuigen van werden geproduceerd. Hieronder een uitgebreidere versie van mijn bijdrage:

Goedemiddag allemaal. Mijn naam is Mitchell Esajas, ik ben medeoprichter en voorzitter van New Urban Collective. Dat is een netwerk voor studenten en young professionals van diverse achtergronden met name uit de Afro-Caribische diaspora. Momenteel werken we samen met VOS aan the Black Archives, een archief van meer dan 3000 bijzondere boeken, documenten en artefacten di verborgen verhalen vertellen over Surinaamse, Caribische en zwarte mensen in Nederland.
 
Mij was gevraagd om kort een bijdrage te leveren aan de herdenking gevraagd, dank voor de uitnodiging. Het is de eerste keer dat ik bij deze Dodenherdenking bij Loods 6 ben en ik moet eerlijk bekennen dat ik de afgelopen jaren niet elk jaar consequent stil heb gestaan op 4 mei. Ik was een van de vele jongeren, die ondanks mijn maatschappelijke betrokkenheid, weinig affiniteit had met 4 en 5 mei.
 
Ik heb aardig wat geleerd over de Tweede Wereldoorlog, er was geen ontkomen aan in onze schoolboeken. Elk jaar leerden we over de Holocaust tijdens de geschiedenislessen. Toen ik op het Spinoza lyceum zat gingen we in de derde klas met de HAVO en VWO klassen op schoolreisje naar Berlijn waar we het concentratiekamp Sachenhausen bezochten. Een kamp waar tussen de 30 en 50.000 mensen zijn omgebracht. Een indrukwekkende ervaring waarbij we leerden dat dit nooit meer mocht gebeuren. Nooit meer mochten mensen op basis van hun achtergrond, hun religie, hun huidskleur of hun seksualiteit als inferieur worden beschouwd. Nooit meer mochten mensen omdat ze als sub-humaan werden gezien worden opgesloten. Nooit meer mochten mensen omdat ze als minderwaardig werden gezien worden vernietigd. Nooit meer, opdat wij niet vergeten.
 
Thuis leerde ik echter over een stukje geschiedenis waar ik wat minder over leerde op school. Een stuk geschiedenis waarin mensen op basis van hun achtergrond, hun huidskleur ook als inferieur, als sub-humaan en als minderwaardig werden gezien. De geschiedenis van slavernij en kolonialisme. Toen ik op vakantie was in Suriname leerde ik pas dat ook Surinamers vanuit de toenmalige kolonie een bijdrage hadden geleverd aan de Tweede Wereldoorlog.

Een van de verhalen ging over de rol van Surinamers in de Tweede Wereldoorlog. Het bleek dat er honderden Surinamers (en Antillianen) hadden meegevochten in de oorlog tegen de nazi’s. Een aardig aantal melden zich vrijwillig om tegen de Duitsers te vechten en “hun Nederlandse koninkrijk” te verdedigen. Ze stuitten echter op weerstand omdat de Nederlandse regering niet wilde dat de zwarte “koloniale onderdanen” de wapens zouden oppakken naast witte soldaten. De toenmalige premier van Nederland Gerbrandy zou tijdens een vergadering van de ministerraad hebben gezegd dat hij "geen Nikkertjes" in de brigade wilde  omdat hij ervan uitging dat witte soldaten aanstoot zouden nemen aan het feit dat ze naast zwarte soldaten zouden moeten vechten. In plaats daarvan werden Surinaamse soldaten naar Nederlands-Indië gestuurd waar ze tegen Japanse bezetters moesten vechten en later zelfs tegen andere koloniale onderdanen die voor onafhankelijkheid vochten.
 
Als scholier vond ik het vreemd dat ik op school zoveel leerde over de Tweede Wereldoorlog, een misdaad tegen de menslijkheid maar zo weinig over een andere misdaad tegen de menselijkheid die honderden jaren lang geduurd had. En dat er dus zelfs Surinamers en andere zwarte mensen waren die hun leven hadden gegeven voor een land dat hun niet als voorwaardig mens zag. Later leerde ik over Surinaamse en Caribische verzetshelden zoals Anton de Kom, George Maduro en Boy Ecury. Ik leerde dat zelfs duizenden Marokkaanse soldaten hadden meegevochten aan het front en talloze Afrikanen uit voormalige Europese kolonies terwijl ze in hun eigen land nog als inferieure wezens werden gezien. Het gaf mij het gevoel dat een deel van de geschiedenis, mijn geschiedenis, het leed dat mijn voorouders was aangedaan niet erkend werd. Ik zeg dit omdat ik weet dat er vandaag de dag nog steeds mensen zijn die dit gevoel hebben.
 
Rhineland Bastards
Sindsdien ben ik me meer gaan verdiepen in verborgen verhalen van zwarte Nederlanders en zwarte geschiedenis. Toen ik in 2014 in Duitsland was voor de eerste meeting van de European Network for People of African Descent hoorde ik voor het eerst over de “Rhineland Bastards”. Dit waren de kinderen van Afrikaanse en Afro-Amerikaanse mensen en witte Duitsers. Voor een deel waren het kinderen van Duitse missionarissen en kolonisten die in de toenmalige Duits-Afrikaanse kolonie Zuid-West Afrika (het huidige Namibië) en kinderen van Afrikaanse en Afro-Amerikaanse soldaten die in Duitsland waren gebleven nadat ze in de Eerste Wereldoorlog hadden gevochten. Velen van deze soldaten waren verliefd geworden op Duitse vrouwen, hadden kinderen gekregen bouwden een nieuw leven op. Ook voordat Hitler aan de macht kwam was er sprake van discriminatie en racisme maar de nazi's brachten het naar een ander niveau. In 1933 werd er een wet ingevoerd: "Wet voor de preventie van erfelijk ziekelijke nakomelingen". Deze wet gaf de staat het recht om Afro-Duitse kinderen uit het Rijnland bij hun ouders weg te nemen en te steriliseren om het witte superieure ras zo puur mogelijk te houden. Naar schatting zijn er zo een 400 kinderen meegenomen en verdwenen.

De Tweede Wereldoorlog was geen geïsoleerde gebeurtenis

 Op school leren we vaak naar de Tweede Wereldoorlog als een geïsoleerde historisch  gebeurtenis te kijken, een oorlog die in 1940 startte en in 1945 eindigde terwijl het in werkelijkheid verbonden was met een langere geschiedenis van dehumanisering en onderdrukking. Zo was het ook verbonden met de geschiedenis van kolonialisme en slavernij. Uit onderzoek blijkt dat Hitler en de nazi's geïnspireerd waren door de manier waarop Engelse en Amerikaanse “antropologen” en pseudowetenschappers racistische Eugenetische theorieën hadden ontwikkeld. Hierin stelden ze dat bepaalde mensen op basis van ras en/of klasse genetisch superieur waren ten opzichte van anderen en daarom voortgeplant moesten worden om een superieur ras te kweken. Dit betekende ook dat zij die als inferieur werden gezien gesteriliseerd moesten worden. Dit gebeurde op relatief beperkte schaal in de VS en wed geraffineerd door de Nazi's in Duitsland. Eugenetica kwam weer voort uit biologisch en wetenschappelijk racistisch gedachtegoed dat de eeuwen ervoor als basis golft om de slavernij en kolonialisme te legitimeren. Zo beschreef antikoloniaal denker en essayist Aimé Cesairé in het zijn essay “Discourse on Colonialism” hoe het nazisme een voortzetting was van de praktijken die Europese koloniale mogendheden in hun kolonies overzee hadden bedreven maar dan toegepast op Europees grondgebied:
 
“Yes, it would be worthwhile to study clinically, in detail, the steps taken by Hitler and Hitlerism and to reveal to the very distinguished, very humanistic, very Christian bourgeois of the twentieth century that without his being aware of it, he has a Hitler inside him, that Hitler inhabits him, that Hitler is his demon, that if he rails against him, he is being inconsistent and that, at bottom, what he cannot forgive Hitler for is not crime in itself, the crime against man, it is not the humiliation of man as such, it is the crime against the white man, the humiliation of the white man, and the fact that he applied to Europe colonialist procedures which until then had been reserved exclusively for the Arabs of Algeria, the coolies of India, and the blacks of Africa.”
 
Geschiedenis is een (re)constructie van het verleden
 Zoals ik aangaf zijn we in Amsterdam-Oost bezig met een historisch archief, dat wij de Black Archives noemen. We zijn ooit begonnen de collectie van socioloog Waldo Heilbron. In een van zijn werken beschreef Heilbron hoe geschiedenis niet een objectief en vaststaand gegeven is maar dat de geschiedenis zoals we dat op school en via rituelen zoals de Dodenherdenking meekrijgen een (re)constructie van het verleden is. Een (re)constructie waarin er keuzes worden gemaakt over welke verhalen wel worden verteld en welke worden verwegen, welke stemmen wel worden gehoord en welke in stilte verborgen blijven. Maar geschiedenis is belangrijk omdat het een historische bewustzijn vormt waaruit we lessen uit het verleden kunnen leren én niet dezelfde fouten herhalen die we in het verleden al gemaakt hebben.
 
Afgelopen week keek ik een indrukwekkende documentaire over James Baldwin en de Civil Rights Movement, er was één zin die me erg aangreep. Baldwin schreef: 'De geschiedenis is niet het verleden. Het is het heden. We dragen het bij ons, wij zijn de geschiedenis' Dit geldt ook voor de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog. Het is een zwarte bladzijde in de menselijke geschiedenis en laat zien hoe dehumanisering en racisme tot desastreuze gebeurtenissen kan leiden. Vanochtend werd ik echter wakker en las ik dat een herdenking, waarbij niet alleen de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog herdacht zouden worden maar ook de slachtoffers van huidige oorlogen zoals vluchtelingen die omkwamen op weg naar Europa, afgelast moest worden. De initiatiefnemers werden bedreigd omdat mensen vonden dat het de betekenis van de Dodenherdenking zou "verwateren".
 
Wat is een herdenking waard als we vandaag een paar minuten stil staan bij de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog maar de rest van het jaar stil blijven over de doden die nu in Syrië en andere oorlogen vallen? Wat is een herdenking van de oorlog waard als we mensen die vluchten van oorlog en mensonterende omstandigheden tijdens de overtocht laten sterven? Wat is een herdenking waard als er anno 2017 politici en opiniemakers zijn die openlijk racistisch en xenofobisch gedachtegoed verspreiden en spreken om het aantal mensen van een bepaalde bevolkingsgroep te verminderen? We zeggen op 4 mei nooit meer, maar de rest van het jaar laten we helaas dezelfde dingen gebeuren.
 
Dit laat zien dat we niet voldoende hebben geleerd van het verleden en dat zoals Baldwin zegt het verleden nog in ons dragen. Gelukkig zijn er ook voldoende mensen die dit inzien en bereid zijn om zich op hun eigen manier hier tegen te verzetten. En ook het herdenken van alle slachtoffers en verzetshelden, de Surinaamse, de Antilliaanse, de Marokkaanse, de mensen die via de KNSM zijn gesneuveld te herdenken is een vorm van verzet.
Terug